Koeleman over eventuele BeNeLeague: "Ik zou niet tegen zijn"

Senna Koeleman is na een seizoen in België weer terug in Nederland en voelt zich bij ADO Den Haag op haar plek. In de ADO Vrouwen Podcast vertelt de 22-jarige verdediger over haar overstap vanuit Anderlecht, de verschillen tussen de competities en haar kijk op een mogelijke BeNeLeague.

Koeleman speelde vorig jaar bij Anderlecht, maar koos bewust voor een terugkeer. "Ja, voor mij is ook mijn eerste seizoen bij ADO. Ik zat vorig jaar bij Anderlecht, dus in België, dus dat is eigenlijk echt heel anders." De keuze om terug te komen voelt voor haar goed, vooral door de omgeving dichter bij huis. "Ja, maar ik ben sowieso heel blij om gewoon in Nederland te zijn, ook weer vlak bij familie, vlakbij vrienden. En deze club is gewoon ja, het voelt gewoon ook als familie. Dus je hebt eigenlijk soort van twee families erbij. En ja, dat doet mij gewoon heel goed."

Op de vraag wat het grootste verschil is tussen spelen bij ADO en bij Anderlecht, wijst Koeleman vooral naar de Belgische competitie-opzet. "Anderlecht was het niveau ook heel hoog. Kwaliteit was daar goed. Hier is dat ook, maar daar heb je in de competitie acht teams. Dus dan op een gegeven moment speelde je zes keer tegen dezelfde tegenstander en dat vond ik gewoon wat minder worden." Juist de variatie in Nederland geeft haar meer plezier. "De Eredivisie is gewoon net een iets andere competitie waar ik iets meer plezier uit haal."

Daarna komt de mogelijke BeNeLeague ter sprake, een plan waarbij de Belgische en Nederlandse competities zouden worden samengevoegd om het aantal tegenstanders en de intensiteit te vergroten. Koeleman ziet het sportieve argument wel, al blijft ze voorzichtig. "De top van België heeft echt een goed niveau. Dus ja, ik zie hun wel meedoen met de Eredivisie en ik weet niet of ik daar per se voor ben, maar ik zou niet tegen zijn."

Tegelijk plaatst ze een kanttekening bij wat er gebeurt met clubs aan de onderkant als het niveau omhoog gaat. Ook vanuit haar ervaring in België ziet ze verschillen in kracht en middelen tussen clubs. "Ja, de bovenste vier zijn wel ja, echt de beste. Meeste geld, meeste energie, meeste professionaliteit. Dat merk je wel echt." Toch verwacht Koeleman dat de Belgische competitie zich verder ontwikkelt. "Maar ik denk dat het daar ook aan het groeien is en dat het niveau daar ook steeds beter wordt."

Lees meer:
0 reacties